Baumgartl blijft knokken: Ik voel mij thuis bij PSV

Artikel
Baumgartl blijft knokken: Ik voel mij thuis bij PSV

In de studio-uitzending van PSV TV van deze week is centrale verdediger Timo Baumgartl op bezoek. Samen met presentator Jeroen Toet heeft hij het over zijn lastige laatste weken en zijn gedrevenheid om zich terug te knokken in de basis. Ook brengt Baumgartl het verschil tussen Nederlanders en Duitsers aan het licht.

Onzekere fase
Baumgartl doet het hele interview in het Nederlands. Na een periode van onzekerheid, rondom een mogelijke huurperiode, voelt de Duitser dat hij in Eindhoven op de juiste plek is. “Ik heb niet veel gespeeld bij PSV en toen kwamen er aanbiedingen. Fulham was een goede optie voor mij om in de Premier League te kunnen spelen.” PSV gaf Baumgartl de ruimte om aan zijn toekomst te denken. Toch ketste de deal op het laatste moment af. “Het verhaal van Fulham was niet goed. Als het gevoel niet goed is, is het voor mij de juiste beslissing om bij PSV te blijven”, geeft de verdediger aan.

Niet klaar in Eindhoven
“Ik wil vechten voor mijn plek”, benadrukt Baumgartl. De immer vrolijke Duitser geeft aan dat hij bij terugkomst uit Londen meteen goed werd opgevangen door de PSV-selectie. “Als ik de kans krijg, moet ik goed spelen.” Ondanks de vele wedstrijden die PSV voorgeschoteld krijgt de komende weken en maanden, is Baumgartl niet van plan zich bij een rouleersysteem neer te leggen. “Ik wil elke week spelen, ook als ik moe ben”, geeft hij aan.

Zes en een halve Duitser
Samen met de Zwitserse doelman Yvon Mvogo beschikt PSV over zeven spelers, die de Duitse taal als moedertaal spreken. Baumgartl vertelt dat de ervaring van de laatst toegevoegde Duitser, Mario Götze, al veel indruk maakt op trainingen. “Hoe hij in de ruimte beweegt, hoe hij de volgende situatie inschat, dat is echt belangrijk.” Toet refereert nog even aan het verschil tussen Nederlanders en Duitsers. Baumgartl weet de vinger voor Nederlanders wel op de zere plek te leggen: “Wij Duitsers doen denk ik meer naast het veld. We zijn wat professioneler, dat hebben wij in de jeugd al meegekregen. Gelukkig zien de Nederlandse jongens nu ons voorbeeld”, besluit Baumgartl met een knipoog.